Winkelwagen

  Korting
  Subtotaal

Regenboog Sampler deken (deel 2)

13.May.20 / Kirsten Ballering
Het patroon voor de Regenboog Sampler deken (deel 2) is ook beschikbaar als printvriendelijke, gestijlde en advertentievrije PDF in de Haak maar Raak shop.

Materialen

Alle informatie over wat je nodig hebt qua garen en haaknaald vind je in het patroon van week 1.

Shop het garen!

Scheepjes Colour Crafter vindt je bij je lokale Scheepjeswinkelier, of bij de volgende webshops:

Notities

  • Je kan algemene informatie en patronen van voorgaande week voor deze CAL hier vinden.
  • De garen en hoeveelheden die je gebruikt in week 2 zijn:
    • Kleur A: 39 gr
    • Kleur F: 9 gr
    • Kleur G: 9 gr
    • Kleur H: 33 gr
    • Kleur I: 33 gr
    • Kleur J: 9 gr
    • Kleur K: 29 gr
    • Kleur L: 13 gr

Afkortingen

  • AK: Achterkant
  • begin-bobbel: 2l, (sla draad om, steek naald in aangegeven steek, sla draad om, haal lus op, sla draad om, haal door 2 lussen op naald) 3x in dezelfde steek, sla draad om, haal door alle lussen op naald
  • bobbel: (sla draad om, steek naald in aangegeven steek, sla draad om, haal lus op, sla draad om, haal door 2 lussen op naald) 4x in dezelfde steek, sla draad om, haal door alle lussen op naald
  • dst: dubbel stokje
  • hst: half stokje
  • hv: halve vaste
  • l: losse
  • l-open: opening van lossen van vorige rij
  • st: stokje
  • s(tn): steek/steken
  • v: vaste
  • VK: Voorkant

Herhalingen

  • *…; herhaal vanaf * nog 1x/2x/3x Haak de instructies na * en herhaal deze daarna het aantal keer zoals aangegeven.
  • (…) 1x/2x/3x Haak de instructies tussen haakjes het totaal aantal keer aangegeven.
  • […] Geeft het aantal steken aan het einde van een rij of toer aan.
  • (…) in dezelfde s/open Geeft aan dat alle instructies tussen haakjes in dezelfde steek of ruimte worden gehaakt.

Technieken

Golfsteek

Stekenmeervoud in deken: 8 steken.

De golfsteek is een verzameling van steken die allemaal andere hoogtes hebben. Door in de ene rij een golf te haken, en in de volgende rij een ‘anti-golf’, krijg je uiteindelijk een mooie rechte rij in je deken met zo’n leuk golfmotiefje ertussenin. Het kan zijn dat je golfsteek wat scheef is, of dat de grijze rijen ook golven. Dat trekt naarmate je meer rijen haakt wel recht.

Omdat het golfpatroon een meervoud van 8 steken is en we 241 steken hebben, houden we 1 steek over aan het einde van de rij. Daarom haken we daar een v extra (en in de rij daarop een dst extra), dit staat ook in het patroon omschreven.

Hecht je draad aan met een hv. Haak een l, en dan een v in de eerste steek (dezelfde steek als je hv). Haak achtereenvolgens een hst, een st, twee dst, een st, een hst en een v. Je hebt nu een golf gehaakt (foto 1,2). Herhaal dit golfpatroon tot je bij het einde bent, en haak dan nog een extra v (foto 3). Knip je draad af en draai je deken om.

Hecht je nieuwe kleur aan met een hv in de eerste steek van de rij (dat is de laatste v van de vorige rij). Haak vier l, deze tellen als een dst. Haak vervolgens nog een dst in de volgende v, een st in het hst, een hst in het st, en een v op het dst. Je bent nu halverwege de eerste golf en ziet dat het hoogteverschil in deze twee rijen wordt opgeheven (foto 4). Haak vervolgens nog een v, een hst, een st en een dst. Nu heb je je volledige ‘anti-golf’ gehaakt. Ga zo door tot het einde van de rij. Knip je draad af en draai je deken om (foto 5).

Bobbelsteek

Stekenmeervoud in deken: 2+1 steek.

De bobbelsteek bestaat uit vier half afgehaakte st die in een keer worden samengehaakt. Door dit samen te haken trek je de steek strak en ontstaat er een bobbel. Omdat we in de eerste rij even ‘de hoogte’ in moeten, is de begin-bobbel iets anders dan een reguliere bobbel.

Hecht je kleur aan met een hv in de eerste steek. Haak twee l, deze vervangen het eerste half-afgehaakte st in je bobbel (foto 1). Sla je draad om, steek naald in de dezelfde steek (dezelfde steek als de halve vaste), sla je draad om, haal lus op, sla je draad om, haal door eerste twee lussen op je naald. Herhaal dit vervolgens nog twee keer in diezelfde steek, zodat je in totaal vier lussen op je naald hebt staan (foto 2). Sla je draad nog een keer om, en haal deze door alle lussen op je naald (foto 3). Dat is je begin-bobbel. Haak een l, en sla een steek over. (Sla je draad om, steek naald in steek, sla je draad om, haal lus op, sla je draad om, haal door eerste twee lussen op je naald) vier keer in dezelfde steek (foto 4). Sla je draad nogmaals om, en haal ze door alle lussen op je naald. Nu is je reguliere bobbel gehaakt (foto 5).

Haak bobbels tot het einde van de rij, en vergeet niet tussen elke bobbel een l te haken en een steek over te slaan. In de laatste steek haak je in plaats van een bobbel een st. Knip je draad af, en keer je deken niet om. De achterkant ziet eruit zoals foto 6, en je voorkant zoals foto 7.

Je wil dat alle bobbels dezelfde kant op wijzen. Dus hecht je je nieuwe kleur aan met een hv in de eerste (en dus niet de laatste!) steek van de vorige rij, in je begin-bobbel. Haak drie l, die tellen als st (foto 8). Haak direct een bobbel zoals hierboven omschreven in de ruimte tussen de begin-bobbel en de tweede bobbel van de vorige rij. Haak bobbels en een l in elke lossen-opening. Sluit af met een st in de laatste steek (foto 9). Knip garen af, keer je deken niet om.

Deze twee rijen kan je herhalen totdat je de gewenste hoeveelheid bobbelrijen hebt. Vergeet niet alle bobbels dezelfde kant op te haken!

Haakpatroon

Golfjessectie 1 (rijen 14-19)

Deze golfjes zijn een uitstekende manier om wat afwisseling in je deken te brengen. En alhoewel we maar 2 rijen haken, kan je je vast voorstellen hoe een hele deken van deze golfjes eruit ziet!

Als je je eerste rij golfjes haakt kan het zijn dat je deken wat golvend oogt. Als je erover nadenkt is dat eigenlijk heel logisch. Alle gebruikte steken variëren in hoogte. En de aard van haken is dat de steken zichzelf een beetje willen uitlijnen. Daarom gaat de onderkant van je deken (en dus de rest van je deken) ook een beetje golven. Dit gaat zichzelf oplossen in de tweede rij. Je haakt namelijk precies de tegenovergestelde steken ten opzichte van de eerste rij, en zo lijn je alles weer netjes uit en krijg je een rechte bovenkant.

Rij 14 (VK) Hecht Kleur F aan met een hv in de eerste s, 1v in dezelfde s, *1hst, 1st, 2dst, 1st, 1hst, 2v; herhaal vanaf * nog 29 keer, knip garen af, keer. [1 v, 30 golven bestaande uit 1 hst, 1 st, 2 dst, 1 st, 1 hst, 2 v]

Rij 15 (AK) Hecht Kleur G aan met een hv in de eerste s (dat is de laatste v van de vorige rij), 4l (telt als eerste dubbele stokje), 1dst, *1st, 1hst, 2v, 1hst, 1st, 2dst; herhaal vanaf * nog 28 keer, 1st, 1hst, 2v, 1hst, 1st, 1dst, knip garen af, keer. [2 dst, 29 golven bestaande uit 1 st, 1 hst, 2 v, 1 hst, 1 st, 2 dst en 1 golf bestaande uit 1 st, 1 hst, 2 v, 1 hst, 1 st, 1 dst]

Rij 16 (VK) Hecht Kleur A aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, 1l, keer. [241 hst]

Rij 17 (AK) 241hst, 1l, keer. [241 hst]

Rij 18 (VK) 241hst, 1l, keer. [241 hst]

Rij 19 (AK) 241hst, knip garen af, keer niet om. [241 hst]

Bobbel sectie 1 (Rijen 20-25)

Bobbels zijn een van de drie manieren die we gebruiken om een verhoging in je deken te krijgen. In vorige rijen hebben we popcorns gehaakt. Bobbels lijken op popcorns, maar in plaats van de steken los te haken en dan samen te haken met een halve vaste haak je de steken allemaal half af, en haak je ze in een keer samen met de laatste doorhaal. Zo trek je de steken naar elkaar toe, en krijg je een bobbeltje op je deken.

Wees niet ongerust als je bobbels niet echt bobbelen. Deze steken bobbelen eigenlijk alleen heel duidelijk als ze tussen andere strakke steken worden gehaakt, zoals bijvoorbeeld vasten. Dan kunnen ze namelijk alleen maar naar voren of naar achteren uitsteken. Als ze (zoals in deze deken) wat meer ruimte krijgen zullen de steken ook een beetje opzij gaan staan, en daardoor wat minder bobbelen.

Bobbels hebben van nature de neiging om naar achteren te bobbelen. Daarom haken we ze aan de achterkant van je deken zodat ze naar voren gaan bobbelen. En als je ze niet gaan bobbelen, dan lijken ze alsnog op mooie bloemblaadjes. In alle gevallen is het een leuke steek om mee te nemen in je deken!

Let op: je haakt deze steken aan de achterkant, dus je moet niet omkeren na Rij 19.

Rij 20 (AK) Hecht Kleur H aan met een hv in de eerste s, begin-bobbel, 1l, sla 1 s over, *bobbel, 1l, sla 1 s over; herhaal vanaf * nog 117 keer, 1 bobbel, sla 1 s over, 1st in laatste steek, knip garen af, keer niet om. [1 begin-bobbel, 119 bobbels, 120 1l-open, 1 st]

Je deken moet wel plat kunnen liggen na deze rij. Als je deken zelf gaat bobbelen en niet plat ligt als je er met je handen overheen strijkt, dat betekent dat je eigenlijk teveel steken hebt om in de deken te passen. Als het een klein beetje is kun je dat aan het einde wel oplossen met opspannen. Als het wat erger is, moet je je bobbelsteek iets aanpassen. In plaats van 4 steken per bobbel, ga je dan 3 steken per bobbel maken, zoals dit: (sla draad om, haal lus op, sla draad om, haal door eerste 2 lussen op naald) 3x in dezelfde steek, sla draad om, haal door alle lussen op naald. Dit geldt ook voor alle andere bobbel rijen in deze sectie.

De reden dat we niet keren na deze rij is omdat bobbels aan de achterkant zichtbaar zijn. Als je je volgende rij aan de voorkant zou haken, dan zie je de bobbels de verkeerde kant op steken. En dat willen we niet!

Rij 21 (AK) Hecht Kleur I aan met een hv in de eerste s aan de achterkant (je begin-bobbel), 3l (telt als eerste st), bobbel in opening tussen bobbels van vorige rij, *1l, bobbel in volgende opening; herhaal vanaf * nog 118 keer, 1st in laatste steek, knip garen af, keer niet om. [2 st, 120 bobbels, 119 1l-openingen]

Rij 22 (AK) Herhaal Rij 20, zorg ervoor dat je in de openingen tussen stn werkt. [1 begin-bobbel, 119 bobbels, 120 1l-open, 1 st]

Rij 23 (AK) Herhaal Rij 21, keer. [2 st, 120 bobbels, 119 1l-openingen]

Bobbels gebruiken veel meer garen dan andere steken. Dat is ook logisch als je erover nadenkt. Je haakt namelijk voor elke 2 rijen in je voorgaande rij 4 stokjes in je bobbel rij. Dus dt zijn twee keer zoveel steken en dus twee keer zoveel garen, de lossen tussen de bobbels nog geeneens meegeteld. Het is een garenvreter, maar wel een leuke!

Rij 24 (VK) Hecht Kleur A aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, *1hst in volgende bobbel, 1hst in volgende l; herhaal vanaf * nog 118 keer, 1hst in volgende bobbel, 1hst in laatste st, 1l, keer. [241 hst]

Ik raad je aan om in de lossen tussen de bobbels te haken, in plaats van over de lossen heen in de l-opening. Naar mijn mening ziet dit er wat netter uit. Maar als je dat teveel gedoe vind, haak er dan vooral overheen, want het maakt qua patroon niet uit.

Rij 25 (AK) 241hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Gestreepte sectie 1 (rijen 26-34)

Dit stuk bestaat uit rijen van halve stokjes. Dat is dus een lekker stuk om rustig voor de tv te haken. Laat je meenemen in het ritme van de steken, en je zal zien dat je er zo mee klaar bent!

Rij 26 (VK) Hecht Kleur J aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Rij 27 (AK) Hecht Kleur K aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, 1l, keer. [241 hst]

Rij 28 (VK) 241hst, 1l, keer. [241 hst]

Rij 29 (AK) 241hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Rij 30 (VK) Hecht Kleur L aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, 1l, keer. [241 hst]

Rij 31 (AK) 241hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Rij 32 (VK) Hecht Kleur K aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Rij 33 (AK) Hecht Kleur J aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Rij 34 (VK) Hecht Kleur A aan met een hv in de eerste s, 1l, 1hst in dezelfde s, 240hst, knip garen af, keer. [241 hst]

Ga door met deel 3 van het Rainbow Sampler patroon.

Diagram

Haakdiagram Week 2

Diagram 1

Legenda week 2

Diagram 2

Kleuren

Diagram 3

Misschien vind je dit ook leuk

Reacties

Wees de eerste die reageert op dit bericht!

Reageer
:Amount:x :Name: :Price: